Bijsturing Integrale Jeugdhulp: noodzakelijk in het belang van jongeren

Door Lorin Parys op 8 juli 2015, over deze onderwerpen: Welzijn, Jeugd, Jongeren

De Vlaamse meerderheidspartijen willen dat de organisatie van de integrale jeugdhulp wordt bijgestuurd. Daartoe leggen ze vandaag een resolutie ter stemming voor in het Vlaams Parlement. Met de resolutie vragen initiatiefnemers Katrien Schryvers (CD&V), Lorin Parys (N-VA) en Martine Taelman (Open VLD) de Vlaamse regering werk te maken van een verbeterde organisatie en werking van de integrale jeugdhulp. “Na de hoorzittingen die recent plaatsvonden in de commissie Welzijn zijn we tot de conclusie gekomen dat er bijsturingen nodig zijn in het belang van de kinderen en jongeren”, zeggen de drie volksvertegenwoordigers. Ze pleiten onder meer voor het aanscherpen van het preventieve luik, de versterking van het aanbod, de vereenvoudiging van de toegang tot de hulpverlening, en een partnerschap met de politie.

Op 1 maart 2014 trad het nieuwe decreet integrale jeugdhulp in werking. Na jaren van voorbereiding betekende dit decreet een grote ommekeer in de jeugdhulp in Vlaanderen. Niet minder dan 6 sectoren werden samengebracht in één systeem. De toegang tot de niet-rechtstreeks toegankelijke hulp verloopt nu via een intersectorale toegangspoort en de crisishulp werd verankerd. Verder vond de notie van verontrusting ingang en kregen de  Ondersteuningscentra Jeugdhulp (OCJ) en de Vertrouwenscentra Kindermishandeling hierin een taak. Nu het decreet goed één jaar in werking is, werd een eerste balans opgemaakt. Dit gebeurde onder meer door verschillende hoorzittingen in de commissie Welzijn waarin tal van actoren uit het werkveld hun ervaringen met de parlementsleden kwamen delen. Meteen werd duidelijk dat de implementatie van de integrale jeugdhulp vandaag botst op een aantal beperkingen en dat niet alles loopt zoals het zou moeten. “Tijd dus voor bijsturing”, aldus de drie Vlaamse volksvertegenwoordigers. “Dat een nieuw systeem tijd nodig heeft om volledig geïmplementeerd te worden en dat dit gepaard gaat met een leerproces, erkennen we. Maar we willen, in het belang van al onze kinderen en jongeren, niet blind zijn voor een aantal fundamentele en terechte opmerkingen. Al is het decreet pas een jaar in werking, bijsturing dringt zich op.” Daarom werkten de meerderheidspartijen een uitvoerige resolutie uit. “Het is belangrijk dat de kinderen en jongeren die hulp nodig hebben ook op een gepaste wijze geholpen worden. Het is daarom noodzakelijk dat het decreet, in het belang van de kinderen en jongeren, wordt bijgestuurd”, zo luidt het.

Aandacht voor preventie

In de resolutie vraagt het Vlaams Parlement onder andere om meer aandacht te hebben voor preventie. “Uiteraard is het belangrijk dat zij die zorg nodig hebben die ook krijgen, maar we moeten daarnaast ook blijvend aandacht hebben voor preventie, en dat is geen taak van welzijn alleen”, vertelt Katrien Schryvers (CD&V). “De Huizen van het Kind kunnen in dit kader een belangrijke rol spelen. Door ouders vroegtijdig en laagdrempelig te ondersteunen bij de opvoeding kunnen we trachten te vermijden dat jongeren in de jeugdhulp terecht komen.”

Aanbod versterken en toegang vereenvoudigen

In het huidige decreet integrale jeugdhulp wordt een onderscheid gemaakt tussen rechtstreeks toegankelijke en niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp via de zogenaamde toegangspoort. In beide zijn aanpassingen nodig.

Lorin Parys (N-VA) legt uit: “De rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp is momenteel nog te beperkt. We pleiten er voor om de capaciteit uit te bouwen, zoals ook in het Actieplan Jeugdhulp is voorzien.  Kinderen en jongeren moeten uiteraard ook tijdens de vakanties hulp kunnen krijgen, terwijl er momenteel precies in vakantieperiodes onvoldoende aanbod is.”

Voor de niet rechtstreeks toegankelijke hulpverlening via de toegangspoort ligt de focus op een vereenvoudiging van de werking. “Het moet vooral veel minder complex. Zo willen we, in overleg met het werkveld, een vereenvoudigd aanmeldingsdocument.-,” zegt Katrien Schryvers (CD&V).  “Daarnaast moet de focus bij de werking van de toegangspoort vooral liggen op ondersteuning en dienstverlening, en niet op controle. Jeugdhulpverleners verdienen ook vertrouwen”, benadrukt Lorin Parys (N-VA).  De crisishulp in de geestelijke gezondheidszorg moet dan weer geïntegreerd worden in de organisatie van de crisishulpverlening van de integrale jeugdhulp: “We moeten zo één gezamenlijk meldpunt voor crisisjeugdhulpverlening realiseren.”

Politie als partner in jeugdhulp

Een goed functionerend systeem integrale jeugdhulp is in het belang van de kinderen, jongeren en hun gezin. “Daarom moeten we alles in het werk blijven stellen om zogenaamde kindercarrousels te vermijden”, zegt Martine Taelman (Open VLD). “Het kan vandaag niet langer zijn dat kinderen van de ene hulpverlener of instelling naar de andere worden doorverwezen”.

Verder vraagt het Parlement ook om enkele aanpassingen te doen in de omgang met ‘verontrusting’.  “Het is belangrijk dat elke jeugdhulpverlener kan omgaan met verontrusting, daarom vragen we opnieuw in te zetten op training en vorming”. In dit kader zien de indieners ook een belangrijke partner in de politie. “We moeten de politie actief betrekken bij de ontwikkelingen in de jeugdhulpverlening en ook aangeven op welke wijze de jeugdhulpverlening de politiediensten kan ondersteunen in urgente interventies”, stelt Taelman.

De 3 volksvertegenwoordigers vragen dat de Vlaamse Regering op korte termijn werk maakt van de gevraagde bijsturingen. Eerder al liet Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen weten bereid te zijn tot aanpassingen. 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is