Actuele vraag over over het plaatsgebrek in gemeenschapsinstellingen en het fenomeen van de 'loverboys'

Door Lorin Parys op 30 juni 2015, over deze onderwerpen: Welzijn, Jeugd

Vorige week kwam de problematiek van twee meisjes, die in de cel terecht kwamen, aan het licht. De twee meisjes kwamen in de cel terecht wegens gebrek aan opvangplaatsen in een gemeenschapsinstelling. Over deze schokkende gebeurtenissen ging Lorin verhaal halen bij de bevoegde minister Jo Vandeurzen. 

 

Lorin: 

Voorzitter, minister, collega’s, twee meisjes die drie nachten doorbrengen in een politiecel, dat kan niet. Minderjarigen die door meerderjarigen worden uitgebuit in de prostitutie is iets dat wij nooit kunnen en nooit mogen aanvaarden. Toch is net dat vorige week in Vlaanderen gebeurd.

Minister, wij steunen u in het vrijmaken van de fondsen om de uitstroom in de gemeenschapsinstellingen te versnellen. We hebben alle begrip voor het krappe budgettaire kader waarbinnen iedereen moet werken, maar dat ontslaat ons er niet van om samen met u verder te zoeken naar oplossingen voor deze schrijnende situaties.

Minister, als het in een noodsituatie kiezen is tussen meisjes laten overnachten in een politiecel of voor een nacht een bed bijzetten in een gemeenschapsinstelling, dan weten wij wat wij kiezen. Het zijn allebei slechte keuzes, maar één ervan is minder slecht dan de andere. Het gaat er niet over dat de meisjes die in een politiecel zitten in overtal zijn, het gaat erover dat die meisjes in overtal de begeleiding krijgen waar ze recht op hebben.

Waarom zetten we dus in noodsituaties geen bed bij in overtal in gemeenschapsinstellingen in plaats van te kiezen voor een politiecel?

 

Antwoord van de minister: 

Collega’s, ik ga niet herhalen wat we vanmorgen ook al hebben besproken. Het is duidelijk dat we moeten investeren in de capaciteit. U weet dat er zeer snel een capaciteitsuitbreiding is voor jongens, voor meisjes iets later. Het heeft alles te maken met de uitbreiding van infrastructuur en de budgettaire mogelijkheden voor dit jaar en volgend jaar.

We gaan proberen om de uitstroom uit de gemeenschapsinstellingen te versnellen of te verbeteren waardoor het nuttig gebruik van de capaciteit kan toenemen. In de kinderpsychiatrie zijn er intussen, dankzij de federale inspanningen, een aantal mogelijkheden. We gaan na hoe we die infrastructuur zo goed mogelijk kunnen inzetten.

Een extra bed zetten op een bepaald moment, zou volgens mij het personeel van de gemeenschapsinstellingen een beetje oneer aandoen. We proberen op dit moment met alle mogelijke inzet na te gaan hoe de capaciteit zo effectief mogelijk kan worden gebruikt.

We zullen nog moeten blijven investeren in capaciteit. Dat betekent dat er een masterplan moet komen voor alle gemeenschapsinstellingen om na te gaan hoe we dat de volgende jaren kunnen ontwikkelen.

Ik wil ook vanuit een andere invalshoek naar het thema kijken. Als het gaat over deze specifieke problematiek, namelijk 'loverboys', dan moeten we ook kijken naar een geïntegreerde aanpak. De maatregel die de jeugdrechter neemt, moet ook passen in een globale strategie ten opzichte van dit fenomeen. Het heeft weinig zin om een specifieke maatregel te nemen als op de mogelijke connecties met strafbare feiten in hoofde van de volwassenen, niet adequaat wordt ingespeeld.

Ik spreek me niet uit over deze concrete situaties, maar het is heel duidelijk dat het fenomeen in zijn globaliteit moet worden onderzocht en dat we ook met de magistratuur moeten spreken over andere vormen van bescherming van die minderjarigen dan alleen maar een plaatsing in een gesloten gemeenschapsinstelling. Ik heb onmiddellijk een aantal contacten gelegd. Vlaanderen neemt dit op in de inbreng in het kadernota Integrale Veiligheid. De minister-president kan dit dossier ook meenemen naar de zitting van het college van procureurs-generaal. Morgen hebben wij een afspraak op het kabinet met een aantal magistraten om na te gaan wat er mogelijk is in de aanpak van dit fenomeen en hoe we omgaan met de bescherming van de betrokken minderjarigen.

Ik zou graag met de magistraten spreken over de maximale mogelijkheden om onze gemeenschapsinstellingen te benutten maar ook over de mogelijkheden die het private aanbod kan opleveren. We kunnen daarvoor kijken naar Nederland en een aantal andere plaatsen waar men daarmee ervaring heeft. Ik ben ervan overtuigd dat die geconcerteerde strategie ons een aantal mogelijkheden moet geven om het probleem van de loverboys en de bescherming van de minderjarige tijdens de volgende weken en maanden aan te pakken.

 

Repliek van Lorin:

Minister, ik hoor dat u niet echt fan bent van de aanpak om ervoor te zorgen dat er tijdelijk een extra bed komt in een gemeenschapsinstelling, maar het is natuurlijk wel zo dat die kinderen dan gewoon bij de politie terechtkomen. Ik vraag u dan ook om dit te overwegen.

Ik verafschuw de term loverboys omdat het een idyllisch etiket kleeft op ordinair pooierschap. Het is een probleem van de volwassen wereld, dat echter meteen ook een link legt naar het Vlaams jeugdhulpbeleid. Zoals u terecht aangeeft, vangen in Nederland maar ook in Canada private voorzieningen heel wat slachtoffers van loverboys op, gecombineerd met huisarrest in de voorziening. Dat is een samenwerking die daar werkt. Sinds 2006 kunnen wij dat ook, en staat huisarrest ingeschreven in ons jeugdsanctierecht, maar daar wordt eigenlijk heel weinig gebruik van gemaakt. Uiteraard is het, zoals u zelf aangaf, aan de jeugdrechter om die maatregel uit te spreken. Er staat in het jeugdhulpactieplan dat u overleg zult plegen met die jeugdmagistratuur. Wij kijken uit naar de resultaten die u daar zult boeken en hopen dat u het parlement daarvan op de hoogte zult houden.

 

Hieronder kan u het hele debat herbekijken. 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is