1 op 2 adoptiekinderen krijgt 2 papa's

Door Lorin Parys op 11 april 2017, over deze onderwerpen: Adoptie

Vorig jaar werden 19 baby's die in ons land geboren werden, afgestaan voor adoptie. In de helft van de gevallen kwamen ze terecht bij homokoppels. Eén geboortemama stond al voor de zevende keer een kindje af. Dat blijkt uit het jaarverslag van het Adoptiehuis, de enige dienst die nog bevoegd is voor binnenlandse adoptie in Vlaanderen.

Wie zijn biologische mama's?

  • Gemiddeld 29 jaar
  • Slechts 11% heeft werk
  • De mama's namen heel laat contact op met de adoptiedienst, meestal pas na 20 weken zwangerschap. Bij 2 van de 18 plaatsingen werd de dienst pas gecontacteerd op de dag van de geboorte.
  • Meestal was het de eerste keer dat de mama een kind afstond, maar er waren ook moeders die dat voor de vijfde, zesde of zevende keer deden.
  • Slechts 3 keer was vader betrokken bij de afstand.
  • De meeste mama's die hulp zochten bij de adoptiedienst, hadden de Belgische nationaliteit, al waren er ook moeders uit onder andere Marokko, Brazilië, Mexico, Mongolië en Afghanistan. In totaal ging het om 10 nationaliteiten.
  • Het is een hardnekkig misverstand dat alle mama's die zich laten begeleiden door de adoptiedienst, hun kind ook effectief afstaan. In 2016 deden slechts 18 van de 59 vrouwen dit, dus nog niet eens 1 op de 3. "Dit betekent dat de moeders wel degelijk keuzes krijgen én maken. Een adoptiedienst moet geen kinderen voor ouders zoeken, maar de beste oplossing voor een kind en
  • de moeder", zegt Vlaams Parlementslid LorinParys (N-VA), zelf vader van één adoptiekind en twee pleegkinderen. "Als moeders dan weloverwogen beslissen hun kind te houden, vind ik dat positief, het betekent dat de dienst goed werkt."
  • Als ze beslisten om hun kindje dan toch niet af te staan voor adoptie, gingen de meeste mama's (23) er zelf voor zorgen, eventueel met de hulp van grootouders of pleegzorg. Twee vrouwen kozen voor abortus. Twee anderen, die een ouder kind hadden willen afstaan, kregen opvoedingsondersteuning. Eén vrouw werd begeleid nadat ze in Frankrijk anoniem was bevallen. Eén moeder stopte de samenwerking omdat ze vond dat haar anonimiteit niet gewaarborgd kon worden. Van 14 anderen is niet bekend waarom ze de begeleiding stopzetten.

Wie zijn kinderen?

  • 19 kinderen, onder wie 1 tweeling
  • 9 jongens - 10 meisjes.
  • Alle kinderen waren tussen 1 week en 3 maanden oud, op twee iets oudere kinderen na (zes en tien maanden).
  • 1 kind heeft speciale zorg nodig (visuele handicap).
  • 3 kinderen werden geplaatst in een adoptiegezin waar reeds een biologisch verwant kind verblijft.
  • 14 kinderen gingen direct bij hun adoptieouders wonen, terwijl 5 anderen eerst een aantal weken in een pleeggezin verbleven. De geboortemama kan mee beslissen of haar kind direct bij de adoptieouders terechtkomt of niet. Als ze vrij zeker is van haar beslissing tot afstand, gebeurt dit meestal wel. "Directe plaatsing houdt altijd een risico in", geeft Lorin Parys toe. "Want tot enkele maanden na de geboorte kan de afstandsmama op haar beslissing terugkomen. Maar deze cijfers tonen aan dat dit zelden gebeurt: geen enkele mama heeft het vorig jaar gedaan."

Wie zijn adoptieouders?

  • Gemiddeld 39 jaar
  • De helft van de 18 adoptiegezinnen waren homokoppels. Geboorteouders beslissen mee of hun kind al dan niet bij een homokoppel terechtkomt. Voor Lorin Parys is het alvast duidelijk dat binnenlandse adoptie meer en meer een zaak wordt van holebikoppels.
  • 1 adoptieouder is alleenstaand. De 17 anderen zijn gehuwd of wonen samen.
  • In 2016 hadden 6 geboortemoeders een ontmoeting met de adoptieouders, nog voor de adoptie officieel ondertekend was. De ontmoetingen vonden plaats tussen 1 en 12 weken na de geboorte. Bij alle ontmoetingen was de baby aanwezig.

Foto-album

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is