Ovatie-inflatie

Standing Ovation

Laatst zat ik op een ongemakkelijk klapstoeltje in een veel te hete schouwburg naar een middelmatig toneelstuk te kijken. Aan het eind van het stuk veerde de sectie met de vrienden van de acteurs recht. Ze klapten net iets enthousiaster dan de rest van de zaal en omdat ze door rechtop te staan ook het uitzicht belemmerden van wie achter hen zat, gaven ze prompt aanleiding aan de volgende rij toeschouwers om ook op te gaan staan. U weet hoe dat gaat, in zo'n ovatiedomino wil niemand als de norse oom tussen een zee van rechtverende enthousiastelingen achterblijven. En voor je het wist, had je een staande ovatie voor een stuk dat gemiddeld uitgevoerd was. Zoiets noemen ze in theaterkringen ovatie-inflatie.

Inflatiespiraal
Ik maak me zorgen over dezelfde inflatoire dynamiek die zich over de rest van het Vlaamse land verspreidt. Een voorbeeld? Er zijn steeds meer scholen die simpelweg het puntensysteem overboord gooien. Dat is het voorlopige eindpunt van een evolutie die enkele tientallen jaren geleden is ingezet. Vroeger won je als beste van je klas de ‘eerste prijs'. Mijn grootvader vertelde dat je dan letterlijk een boek of ander cadeau van de klasleraar kreeg en voor je medeleerlingen in de bloemen werd gezet. De generatie van mijn vader kreeg geen prijzen meer, maar punten. Ik kreeg letters. En nu krijg je dus op sommige scholen helemaal niets meer. Af en toe komen de ouders eens langs voor een gesprek, maar van enige competitieve druk is geen sprake, want dat zou ongezond zijn. Ondertussen zijn er zelfs sportkampen waar tornooitjes gebannen worden uit schrik dat zoiets een winnaar oplevert. En dus krijgt iedereen een medaille.

Gezonde competitie
Ik pleit voor gezonde competitiviteit als drijfkracht voor onze creativiteit op sportief, intellectueel en artistiek vlak. Uitzonderlijke prestaties drijven ons vooruit, de erkenning die daaruit volgt is een belangrijk element. Stel je voor dat Darwin, Da Vinci of Dumas niet de drang hadden om beter te zijn dan hun collega's. Of dat Mozart en Chopin, Clijsters of Henin nooit gezegend zouden zijn geweest met competitiedrang. De wereld zou er anders uitzien.

Applaus
Mijn punt is dat een acteur zijn kunst bedrijft voor zichzelf maar ook voor het applaus van het publiek. Een sporter sport om wereldkampioen te worden. Dat betekent dat hij of zij in zijn discipline de beste op de planeet wil zijn. Een wetenschapper droomt altijd stiekem van de Nobelprijs. En hoewel voornamelijk Oost-Europese zangers zijn die het Eurovisiesongfestival willen of kunnen winnen, wil elke zanger een wereldhit.

Talenten
Allemaal vormen van concurrentie die het beste in mensen naar boven brengen. Talenten waar wij als maatschappij van kunnen genieten. Van een mooie prestatie, uitvoering of van een inzicht om verder op te bouwen in de wetenschap of het bedrijfsleven. Dus mag ons politiek correct denken er niet toe leiden dat we binnenkort alles en iedereen ‘fantastisch' vinden want strak is alles zo ‘goed', dat niets nog slecht is. Als we iedereen een eerste prijs geven, verliest zo'n erkenning de betekenis die ze verdient voor de man of vrouw aan wie ze echt toekomt. Want als je een middelmatige prestatie even veel lof toebedeelt als een uitzonderlijke, dan ontmoedig je iedereen die wil excelleren.

Mensen die hun grenzen verleggen, zijn de motor van onze vooruitgang. Als je geen verschil in erkenning hebt voor hen die excelleren en voor hen die ter plekke blijven, surplacen we allemaal. Denk dus na voor je klapt en opstaat.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

vrijdag 01 juni 2012

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Zeer terechte bemerking. Deze evolutie kan thans zeer duidelijk onderkend worden in het onderwijs, ook op universitair niveau. De eerste democratiseringsgolf met o.m. de creatie van studiebeurzen was toe te juichen: iedereen dient de financiële mogelijkheid te hebben te studeren. De huidige democratiseringsidee lijkt echter dat iedereen een universitair diploma moet kunnen behalen met een sterke focus op aantal afgestudeerden, hetgeen inderdaad tot nivellering leidt en tot waardedaling van het diploma en het gradensysteem (wat er dan weer toe leidt dat men zoveel mogelijk bijkomende diploma’s wil behalen enz.).

Het blijkt inderdaad een meer algemeen maatschappelijk fenomeen dat zich op diverse terreinen voordoet en helaas enkel maar toeneemt. Het is veel makkelijker te zeggen dat iets heel goed is, dan de tijd te nemen voor gefundeerde kritiek. In die zin is het ook een vorm van luiheid.

geschreven door .(JavaScript moet ingeschakeld zijn om dit email adres te bekijken) op zaterdag 02 juni 2012

Geef je commentaar op dit stuk:

Naam:

E-mail:

Website:

Wil je op de hoogte blijven van volgende commentaren op dit stuk?

Vul het onderstaande woord in:


© Lorin Parys. - webdesign blau - Lorin Parys. RSS 2.0 - disclaimer en privacy