Karims kerst

Afgelopen dinsdag was de internationale dag van de migratie. Volgende week dinsdag is het kerst. Dat voel je. De lucht is strak blauw. De kou bijt door je handschoenen. Je oren staan in vuur en vlam zodra je ergens binnenkomt. De kerstmarkt klinken vervelende kerstdeunen. En op de hoek van de straat kan je glühwein drinken boven een vuurkorf. Het is die periode van het jaar waarin alles weer nieuw wordt, hoop de wereld regeert en mensen van elkaar houden. Of zo zou het moeten zijn.

Karim is acht. Hij komt uit Marokko. Samen met zijn mama en kleinere zus woont hij in Leuven. Daar gaat hij ook naar school. Omdat hij wel wat hulp kan gebruiken bij het leren lezen en schrijven in het Nederlands, ga ik af en toe bij hem langs. Dan lezen we uit Jip en Janneke of lossen we een kruiswoordraadseltje op over dieren uit de boerderij. In de winter moeten we dan een gloeilamp op de tussenverdieping uitdraaien zodat we boven op zolder licht kunnen laten schijnen over een gammel tafeltje.

Karim is al een behoorlijke Vlaming, lust best een flinke portie frieten met mayonaise en heeft een haast encyclopedische kennis over Mega Mindy. Op school kan hij als de beste rekenen en is hij niet van de computer weg te slaan. In zijn vrije tijd bezorgt hij zijn mama grijze haren omdat hij vergeet op te ruimen of zijn huiswerk te maken. Kortom, een doodgewone spruit. Karim heeft talent, hij wil later graag studeren en leraar worden. Zijn droom is om met net zo'n auto als de mijne te rijden. Want die kan je van op afstand open- en dichtdoen. Dat lijkt hem wel wat.

Nog niet zo lang geleden zijn Karim, mama en zus verhuisd. Dat liep niet zo best. 'sNachts kwamen er onbekenden aan de deurbel hangen. De buren bonkten op de muren en lieten geen twijfel over hun politieke voorkeur bestaan. Zij vonden dat het drietal het best naar Marokko terugkeerde. De politie kwam en vertrok. De buren bleven op post. Enkele dagen later bracht Karims mama haar kroost te voet naar school in het centrum van Leuven. Een groepje jongens vond er niet beter op dan ze alledrie de huid vol te schelden. De enige man in het gezin, acht jaar oud, kreeg een flink pak slaag. Sindsdien is de mama bang. Bang om haar kinderen om acht uur 'sochtends door het centrum van Leuven naar hun keurige school te brengen.

Een maand geleden zaten we ons op het zolderkamertje door een moeilijke invultekst te worstelen. 'Verjaardagsdatum' is geen makkelijk woord. Het werd even stil. Karim keek op en vroeg waarom alle andere kindjes uit zijn klas gevraagd werden op verjaardagsfeestjes. Hem was dat nog nooit overkomen. Het was een gewone, feitelijke vraag vol oprechte verwondering over zoveel toeval.

Wat antwoord je dan aan een achtjarige? Dat de rest van zijn leven geplaveid zal zijn met dergelijk toeval? Dat hij maar beter een sterk pantser kweekt want dat hij er nooit bij zal horen? Of dat als hij hard werkt en de regels volgt ook hij zijn dromen kan waarmaken bij ons? Het is kras, maar Karims buren geven hem tenminste het voordeel van de duidelijkheid. De tweede vorm van sluipende ongelijkheid zie je niet. Maar hij is minstens even dodelijk.

Nefast voor Karim, maar evengoed voor onszelf. We worden er allemaal beter van als zoveel mogelijk mensen deelnemen aan onze economie. Dat is ook nodig nu meer mensen ouder worden en minder jonge mensen overnemen. Innovatie is een goed voorbeeld van een proces dat floreert wanneer zoveel mogelijk verschillende meningen en invalshoeken elkaar versterken.

Voor een 'Vlaanderen in Actie' moet iedereen gelijk aan de start staan. Daarna is het aan elk van ons om er wat van te bakken. Zo eenvoudig en toch zo moeilijk. Deze kerst hoop ik op een jaar waarin alles nieuw wordt. En Karim cake eet op zijn eerste verjaarsdagsfeestje.

donderdag 20 december 2007

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Geef je commentaar op dit stuk:

Naam:

E-mail:

Website:

Wil je op de hoogte blijven van volgende commentaren op dit stuk?

Vul het onderstaande woord in:


© Lorin Parys. - webdesign blau - Lorin Parys. RSS 2.0 - disclaimer en privacy