4-URENWEEK
De vakantie is begonnen. Tijd voor de meeste mensen om er een paar weken tussenuit te knijpen. Niet zo in de Verenigde Staten, het land van de vrijheid waar de doorsnee werknemer amper tien dagen vakantie neemt. Daar maakt deze week het boek 'De Vier Uren Werkweek' furore op de bestsellerlijsten. Dat verkoopsucces doet onze Atlantische vrienden dromen van een nieuwe wereld à la Française, want vandaag werkt Average Joe een slordige 500 uur meer dan monsieur Tout LeMonde. Amerikanen werken langer, maar werken ze ook harder?
Ooit was ik zelf loonslaaf in The Big Apple. Tijdens de lunch hadden we het met de collega's wel eens over de verschillen tussen het oude en het nieuwe continent. Bij het thema vakantie twijfelden mijn disgenoten doorgaans tussen een lichte vorm van spot en een onomwonden portie afgunst wanneer ik voor de tiende keer het aantal vakantiedagen van een Europeaan moest opsommen. Ja, een doorsnee Belg heeft recht op dertig vakantiedagen. Nee, daarmee zijn we geen koploper in Europa. De Italianen verslaan ons met een fietslengte voorsprong, zij genieten gemiddeld van 42 dagen fare niente. Bovendien hielden het internet en de Blackberry ons zelfs tijdens onze korte vakantie aan ons kantoor geketend. Eigenlijk komt dat alles erop neer dat de Amerikanen meer tijd in de badkamer dan op vakantie doorbrengen.
Een andere klassieker tijdens een routinegesprekje met collega-advocaten: billable hours. Twee woorden die synoniem staan voor de tijd die advocaten aan klanten factureren, maar ook voor hoe hard je werkt in vergelijking met je collega's. Advocaten houden de tijd die ze voor klanten werken immers minutieus bij, in stukjes van zes minuten. Op kantoor kon je een confrater wel eens achteloos horen pochen met de 3.000 factureerbare uren die hij op het einde van het jaar bleek gewerkt te hebben. Niet te verwonderen dus dat ik elk jaar een derde van mijn collega's kwijtspeelde. Maar 3.000 uren aanwezigheid staat niet gelijk met 3.000 uren productiviteit.
Dat leert Oeso-onderzoek. Hoewel we minder werken dan onze Yankee-spitsbroeders, produceren wij Belgen meer. Als de Amerikaanse productiviteit 100 is, dan scoort de Belgische 113. Ook in absolute termen per kop presteren wij beter. En dat verschil tussen productiviteit en aanwezigheid is meteen ook de reden waarom het boek van Timothy Ferris zo tot de verbeelding van de Amerikanen spreekt. Hoe kan je minder arbeiden en toch meer opleveren? Je kunt maar creatief zijn met een frisse kop en af en toe een stevige verandering van omgeving. Daarom raadt de auteur aan om maar twee keer per dag e-mail te beantwoorden en maar vier uur per week effectief te werken.
Dat zijn betoog -gedeeltelijk- gehoor vindt in de 'cultuur van overwerk' die de Verenigde Staten kenmerkt, bewijst het voorbeeld van enkele bedrijven. De vierduizend personeelsleden van de elektronicaketen Best Buy deden een experiment met de afkorting Rowe: Results Only Work Environment. Het motto was: werk is iets wat je doet, niet de plek waar je je bevindt. De productiviteit steeg als resultaat van deze proef met 35procent.
Maar ook Google beseft dat innovatie tijd vraagt. Elke vrijdagnamiddag is het Google-tijd: personeelsleden kunnen die spenderen aan projecten die niets met hun dagelijkse job te maken hebben. Want geef nu toe, krijgt u uw creatiefste ideeën achter uw bureau?
maandag 02 juli 2007
Vind je dit interessant? Deel het met anderen.





