Rustoord Avondzon

tweepersoonskamer-bethlehem1

'Ik doe onze boodschappen nog zelf, speel dagelijks 'flight simulator' op de computer en bel regelmatig via Skype met mijn kleinzoon in de Verenigde Staten.' De woorden van Marcel Sleuwaegen in de krant Het Laatste Nieuws van gisteren. Niks opmerkelijks, behalve dat Marcel 90 is en nog goed met zijn tijd mee lijkt te zijn. En er zullen binnenkort veel meer Marcels zijn. De kinderen die nu geboren worden, zullen 100 jaar leven volgens een Nederlandse professor. Dat kan goed nieuws zijn. Maar hoe gaan we voor al die mensen zorgen als we dat vandaag al nauwelijks kunnen?

Vergrijzing
Want ook Marcel Sleuwaegen heeft last van 'de vergrijzing'. De man woont met zijn vrouw van 91 in de achtertuin van het steeds uitbreidende rustoord Avondzon. De luchtfoto bij het artikel in de krant geeft aan dat dit Rust- en Verzorgingstehuis (RVT) een mastodont is geworden met 159 bedden en 70 serviceflats. Het groeiende monster domineert ondertussen de hele Botermelkstraat en een deel van de Dorpsstraat in Erpe-Mere. Daar moeten nu 21 extra flats bijkomen. En eerlijk gezegd staat het huis van Marcel wat in de weg. De man weigert te verhuizen en woont binnenkort ingesloten door het rusthuis. Niet erg, redeneert de kranige negentiger. Ingesloten te wonen door een rusthuis is beter dan ín een rusthuis te wonen.

Concept van rusthuis
Marcel heeft gelijk. Het lijkt me ronduit verschrikkelijk te eindigen in een modaal Vlaams rusthuis. We zouden onze beschaving kunnen meten aan de manier waarop we met onze ouden van dagen omgaan. En meteen een onvoldoende geven. Eerlijk gezegd is er geen schrikbeeld dat me scherper op het netvlies staat dan oud te worden in een gemiddeld Vlaams RVT. We hebben het hier al gehad over de chronische onderfinanciering van de rusthuissector en de ongelijke kansen die private spelers krijgen om een deel van dat probleem mee op te lossen. Maar we zijn vandaag al helemaal niet bezig met het soort rusthuis waar mijn generatie met plezier zou verblijven om te genieten van een oude dag.

Naar bed om 18 uur
Zeg nu zelf, nadat u uw hele leven in een ruim huis hebt gewoond, een carrière hebt uitgebouwd en een stuk van de wereld hebt gezien kan de aanblik van een gemiddelde tweepersoonsrusthuiskamer in een Vlaams rustoord u toch allerminst vrolijk stemmen? Alleen al het feit dat we over het aantal 'bedden' spreken, verraadt dat we vinden dat rusthuizen veel met ziekenhuizen gemeen hebben. Zelf niet kunnen beslissen wanneer ik ga slapen of wat ik ga doen lijkt me een absolute nachtmerrie. In veel cafetaria's en animatie-afdelingen van rustoorden schijnt men er bovendien vlotjes van uit te gaan dat je na je zeventigste levensjaar sowieso je hele leven lang een Vlaamse-schlagerfan bent geweest. En dan hebben we het nog niet gehad over de doorsnee kost die een rusthuisbewoner in zo'n cafetaria voorgeschoteld krijgt.

Geen ziekenhuisbenadering
Het is tijd om niet enkel over het aantal 'bedden' na te denken maar ook over het soort 'bedden' dat we willen. Innovatie is dus nodig, maar niet makkelijk als het privé-initiatief geen kansen krijgt. Mijn generatie tekent heus niet voor een ziekenhuisbenadering van onze oude dag. Ik weet dat ik nu al spaar om Rusthuis Avondzon te vermijden en dat ik zolang mogelijk koppig thuis wil blijven wonen. Zoals Marcel.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 09 maart 2012 - Geef je commentaar (4)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Word zelf Hertz

google car

Het is al langer een trend, de middle man gaat eruit. Als je in onze economie een intermediair bent, lees iemand die een product van de producent naar de consument brengt, dan kan je er maar beter voor zorgen dat je een echte meerwaarde levert. Daar kan het legertje voormalige platen- en krantenboeren, of de overblijvende reisagenten en makelaars van meespreken. Het internet noopt hen tot aanpassen of opkrassen. Zelfde verhaal voor de platenmaatschappij nu artiesten hun eigen albums produceren en rechtstreeks verkopen. Of voor journalisten die berichten over bekende mensen en grote organisaties die nu via het internet hun achterban aanspreken.

Aanpassen of opkrassen
Die trend is interessant omdat het verwijderen van de tussenman een antwoord kan zijn op een maatschappelijk probleem waarover we ons al jaren het hoofd breken: onze mobiliteit. Sinds 1977 zijn er meer dan drie miljoen extra voertuigen bijgekomen op onze Belgische wegen. Dat is zowat een verdubbeling. Samen malen we jaarlijks 77 miljard kilometer af. De infrastructuur is die auto explosie niet gevolgd. Daar moet dus een inhaalbeweging gebeuren. Maar we moeten ook nadenken over andere manieren om met onze auto om te gaan. En dat moment is nu aangebroken. Want een auto is dan wel een heilige koe, het bezitten van die koe is nooit duurder geweest. Dat zorgt ervoor dat creatieve Belgen op zoek gaan naar formules om de kost te drukken.
Een systeem zoals Cambio is daar een mooi voorbeeld van. Cambio bezit een pak wagens die het in steden op voorbehouden parkeerplaatsen parkeert. Iedereen die lid is van het systeem kan er gebruik van maken na het betalen van een lidmaatschapsbijdrage en een kost per kilometer. Reserveren doe je via het internet. Dat is een goed voorbeeld van hoe het anders kan maar we kunnen in ons land nog veel innovatiever.

Cambio voor iedereen
Want eigenlijk zouden we elke auto kunnen omtoveren tot een potentieel Cambio voertuig. Stel dat je je auto een dag niet nodig hebt, dan kan je er geld aan verdienen door hem te verhuren aan iemand anders. In de Verenigde Staten bestaat zoiets al en kunnen autobezitters zich eenvoudig lid maken van een dienst die je vehikel verhuurt. De eigenaar van de auto kan rekenen op zowat twee derde van de inkomsten. Om je een idee te geven, voor een gewone auto die je tien uur per week verhuurt, kan je op jaarbasis op 2.500 euro inkomsten rekenen. Een win dus voor de eigenaar. Maar ook de huurder betaalt maar een euro of vijf per uur. Oude auto's huur je al voor twee euro. Veel goedkoper dan zelf een auto aan te schaffen en een stuk voordeliger dan pakweg Hertz.

Makkelijk
Je kan als eigenaar ervoor kiezen je huurder de sleutels zelf te overhandigen of te rekenen op een systeem dat de sloten van de auto van op afstand opent of sluit. Je kan via facebook werken en altijd zelf beslissen of je je auto aan iemand wil lenen. De verzekering is betaald door de dienst. Die checkt ook de recente ongevallen van een potentiële huurders. Sommige diensten zorgen voor een GPS tracker die de auto altijd kan lokaliseren. De auto wordt ook aangeboden als "Lorin's Mini" op bijvoorbeeld facebook zodat het de transactie een stuk persoonlijker wordt en de huurder beter zorg draagt voor een voertuig dan voor een gemiddelde huurwagen.

Zelfrijdende auto
En daar hoeven we niet te stoppen. Want in de volgende tien jaar beschikken we over zelfrijdende auto's. De Google auto heeft al 1.500 kilometer op de teller zonder tussenkomst van een chauffeur. En zonder ongeval. We moeten ervoor zorgen dat die auto van morgen bij ons wordt gemaakt. Inzetten op innovatie kan ons redden. En zo kan de hold-up op de Belgische autobezitter die de federale overheid doorvoert misschien nog tot iets positiefs leiden.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

vrijdag 02 maart 2012 - Geef je commentaar (0)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

It’s the mentality, stupid

bekaert

Bekaert, onze Vlaamse industriële parel, kondigde een paar weken geleden aan dat het 1.200 banen schrapt waarvan 600 in ons land. Dan duikt al snel de redenering op dat onze torenhoge loonkosten ons de das om doen. U weet wel, een werkgever die u pakweg 3.700 euro bruto betaalt moet daar in feite nog eens 2.100 euro bijtellen om zijn totale maandelijkse kost te kennen. Die loonkost, hoor je sommige politici dan debiteren, is sociaal omdat ze een hele reeks sociale voorzieningen financiert. Van de werkloosheidsverzekering tot de sociale zekerheid. Maar die loonkosten zijn ondertussen zo hoog dat ze asociaal geworden zijn. Omdat mensen er hun job door verliezen, ondernemers hun plannen niet doorzetten om jobs te creëren of weinig mensen veel moeten produceren om die kosten te compenseren. Kortom, die kosten zijn een rem op de beste sociale maatregel, een job voor iedereen.

Niet alleen hoge loonkosten
Maar wat er opmerkelijk is aan het Bekaert verhaal is dat het niet de hoge loonkosten zijn die het bedrijf tot die maatregel noopten. Officieel heette het de marktomstandigheden te zijn maar er is meer aan de hand en officieus hoor je ook dat het niet alleen die loonkosten zijn. Toch blijft het opmerkelijk dat een Belgisch bedrijf met meer dan 28.000 werknemers wereldwijd vijftig procent van de jobs die het op de tocht zet in zijn thuisland liquideert. Terwijl minder dan tien procent van het totaal aantal werknemers van de groep in België werken. Er is dus wel iets aan de hand. 

Mentaliteit
Het is niet de loonkost die het grote probleem vormt van het bedrijf in ons land, wel onze mentaliteit. Dat is wat een Bekaert insider me deze week vertelde. De wil om te werken zou hier niet sterk genoeg zijn, terwijl die in Azië wel duidelijk aanwezig is. Een voorbeeld? Als er in de onderzoeksafdeling moet getest worden op regelmatige tijdstippen en het gekwalificeerde personeel daarvoor niet altijd aanwezig is omdat zoiets volgens hun CAO niet hoeft, dan wil het bedrijf zo'n meting laten uitvoeren door wie er wel is. Anders gaan de testresultaten verloren. Maar zoiets wordt dan weer gedwarsboomd door werknemersorganisaties die daar een uitholling van bepaalde functies en afspraken in zien. Het resultaat is dat zo'n project dan gewoon wordt doorgeschoven naar een andere onderzoeks- & ontwikkelingsafdeling van het bedrijf in de wereld. En dat heeft dus niets met loonkost te maken. Wel met zaken die we makkelijk zelf kunnen veranderen. Tenminste als daar bij het bedrijf zelf en zijn werknemers de wil voor aanwezig is.

Kop-Staart
Het Bekaert verhaal zet ook een andere conventionele wijsheid op zijn kop. We denken hier nog vaak dat we sterk zijn in kop-staart bedrijven. Lees, we doen hier het onderzoek en de ontwikkeling, de productie gebeurt ergens anders en tenslotte commercialiseren wij de producten hier. Maar bij het Bekaert Technology Center in Deerlijk, dat cruciaal is voor het onderzoek en ontwikkeling binnen de groep, zouden één derde van de 300 banen verdwijnen. De andere onderzoekscentra in de wereld van het bedrijf groeien ondertussen als kool. Veel minder kop dus, enkel nog een beetje staart hier. Het is dus niet enkel hoeveel jobs er verdwijnen, maar ook welke jobs. Het gaat dus niet alleen over productiefuncties maar ook over de werknemers die van levensbelang zijn voor de innovatie binnen de groep. En die verliezen we ook bij bosjes.

Tak, boom, zagen
Door een stugge mentaliteit en het verlies van sleutelposities binnen de groep komt een scenario dichterbij waarbij Bekaert hier nog enkel een klein hoofdkwartier heeft. Niet omdat er zo een plan op tafel ligt, wel omdat het steeds moeilijker wordt om hier actief te zijn.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 24 februari 2012 - Geef je commentaar (7)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Een diploma voor de prijs van 5 iPads

ipad

Jo Libeer van Voka lanceerde woensdag een aantal ideeën om het gat van meer dan 500 miljoen euro in de kas van de Vlaamse regering dicht te rijden. Eentje daarvan was de verhoging van het inschrijvingsgeld voor universiteits- en hogeschoolstudenten. Libeer heeft een punt. Want nu kan je voor de prijs van een iPad een jaar opleiding volgen aan een universiteit die wereldwijd tot de top-100 behoort. Vandaag betaal je voor een heel jaar cursus aan pakweg de KULeuven 580 euro. Met een studiebeurs tel je daar zelfs maar 80 euro voor neer. Bij onze vrienden in Wallonië, toch niet bekend als de meest asociale regio, ben je 800 euro kwijt voor een jaar universiteit. Dat is bijna 40% meer dan in Vlaanderen.

Sociale politiek
Waarom vind ik nu dat Voka een punt heeft? Eenvoudig omdat het lage inschrijvingsgeld als instrument voor een sociale politiek compleet gefaald heeft. Het invoeren van het betrekkelijk beperkte inschrijvingsgeld gebeurde vanuit een correcte sociale reflex: de universiteit moest toegankelijk zijn voor iedereen. De 'democratisering van ons onderwijs' heette dat, en die politiek had als doel om evenveel arbeidersdochters als dokterszonen op de aulabanken te laten plaatsnemen. Het is een ambitie die ik graag ondersteun. Want ik geloof in sterke startkansen voor iedereen. En in de kracht van ons onderwijs om dat waar te maken. Niet je afkomst maar wel je toekomst telt, weet je wel. Als dus een laag collegegeld het middel is om dat nobel doel te bereiken, dan betaal ik daar graag belastingen voor. Maar niets is minder waar bij ons.

Klopt niet
Uit een studie van het Leuvense Hoger Instituut voor de Arbeid blijkt dat kinderen van hogere bedienden vier keer meer kans hebben om universitair onderwijs te volgen of zich in te schrijven aan de universiteit. Dat was vlak na de Tweede Wereldoorlog zo, en dat is nu nog steeds zo. De invoering van een gering inschrijvingsgeld heeft daar dus niets aan veranderd. In geen enkel ander Oeso-land dan België is het diploma van je ouders of het inkomen van ma en pa zo bepalend voor het feit of je al dan niet universitaire studies start. En die link is sinds 1976 in ons land enkel nog sterker geworden, het lage inschrijvingsgeld ten spijt.

Massificatie, geen democratisering
Begrijp me niet verkeerd, er zitten meer leerlingen in de aula's van ons hoger onderwijs dan twintig jaar geleden. En er zitten dus ook meer arbeiderskinderen dan toen aan de universiteit. Maar alle sociale groepen zijn gegroeid in aantal en het relatieve aantal kinderen uit gezinnen met een lager inkomen is niet gestegen.

Winst
Omdat we als samenleving enorme returns krijgen van iedereen die hoger onderwijs volgt, vind ik dat we stevig mogen bijdragen aan de studiekosten. Maar iemand met een universitair diploma kan zelf ook rekenen op een mooie winst. Die komt gemiddeld neer op 16% extra inkomsten per jaar, na belastingen. Dus is een grotere kostendekkingsgraad van een jaar universiteit best op zijn plaats. En zoiets hoeft dus niet asociaal te zijn. Beurzen moeten er zijn voor degenen die anders de kans niet zouden krijgen om te studeren. En voor de jongeren die we nu zouden vragen meer te betalen, kan de overheid best eens nadenken over een uitgesteld betalingsplan. Op het ogenblik dat onze investering in iemands universitaire studie vruchten begint af te werpen, zoals een stevig loon, dan kan zo iemand zijn persoonlijke bijdrage aan zijn studie beginnen terug te betalen. En winnen we allemaal. Onze begroting, onze kenniseconomie en onze studenten en hun kinderen studenten die geen lege staatskas erven.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard. 

vrijdag 17 februari 2012 - Geef je commentaar (5)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: Als links rechts wordt

China

Als u de Republikeinse voorverkiezingen in de Verenigde Staten een beetje gevolgd heeft, dan heeft u het al gemerkt. "Europa" is daar een scheldwoord geworden. Het synoniem voor de luie welvaartsstaat waar veel te veel mensen van een uitkering leven en ondernemerschap niet beloond wordt. Volgens de OESO geven we in België 27 % van ons bruto nationaal product aan sociale voorzieningen uit. In de Verenigde Staten bijna de helft daarvan of minder dan 15%.

Obame is Europese socialist
Toch wordt Obama er constant beschuldigd een "European style socialist" te zijn. En zoiets staat in Amerika zowat gelijk met spuwen op de vlag. In de VS vinden ze dus dat er te veel geld vloeit naar sociale voorzieningen en ten minste een deel van het electoraat wil daar verandering in zien. Een groot deel van de dynamiek in het Republikeins kamp spruit zelfs voort uit de sterke wil om Obama's ziekteverzekeringsprogramma af te schaffen. Want veel te Europees. Dat is op zich al een beetje paradoxaal want Obama's beleid is een stuk rechtser dan dat waar een doorsnee Europese rechtse partij zich op laats voorstaan. 

Onbetaalbaar
Terwijl een deel van de Amerikanen ons beschuldigen veel te genereus te zijn met onze uitkeringen, lijken de feiten ze deels gelijk te geven. Want ondertussen kunnen wij die sociale voorzieningen in Europa nog amper betalen. Onze mensen moeten langer werken en mogen pas later op pensioen. Er is minder geld voor werkloosheidsuitkeringen. De ziekteverzekering in ons land mag niet meer groeien aan het tempo van voorheen. De ironie hier is dat een pak van die maatregelen uitgerekend mee door socialisten is genomen.

Onze pensioenhervorming is het werk van minister Van Quickenborne maar gebeurde wel met een socialistische premier in de Wetstraat 16. De draconische Griekse besparingsmaatregelen waren het werk van een socialistisch kabinet dat weliswaar met het geweer van Europa en het IMF tegen de slaap veranderingen doorvoerde waar een rechtse Griekse regering voorheen niet van zou durven dromen hebben. In Italië doet premier Mario Monti, met de steun van links, zelfs zijn eigen pensioenminister huilen op televisie bij het aankondigen van zoveel pijnlijke besparingen die het kabinet van de rechtse Berlusconi nooit had durven nemen.

Communistisch en kapitalistisch China
Links en rechts zijn dus geografisch erg verschillende begrippen. En om helemaal de ironische tour op te gaan financieren de communistische Chinezen al een hele poos de vrije markt economie van de Verenigde Staten door hun obligaties op te kopen. Iets waar Europa ondertussen ook jaloers op is. Daarom trok de EU recent op bedeltocht naar de Chinese grootmacht maar kwam van een kale reis thuis.

Hong Kong
Terwijl wij in Europa ruzie maken over linkse hogere belastingen en rechtse lagere uitgaven pakken ze het in Hong Kong anders aan. Nog niet zo lang geleden mocht ik naar een diner waar de Donald Tsang, de chief executive van Hong Kong zijn stadsregio aanprees. De autonome regio die deel uitmaakt van communistisch China heeft een overschot van 65 miljard euro op de begroting. Daarmee kan de regering bijna twee jaar verder. Werkloosheid zakte onder de 3.5% in 2011 en de basis belastingsschaal werd met 75% verminderd voor natuurlijke personen en vennootschappen. Het onderwijs en de creatieve industrie konden op meer budget rekenen.

Met andere woorden, niets is wat het lijkt in de links/rechts tegenstelling. Maar de recepten die werken zijn wel duidelijk. Waarop wachten we om ze toe te passen?

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

donderdag 02 februari 2012 - Geef je commentaar (1)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: Ik staak niet mee op 30J

office-1

Het minste wat er kan gezegd worden van de nationale staking maandag is dat ze aanzet tot creativiteit. Behalve dan bij de bonden. Die leggen traditiegetrouw gewoon het land plat op een dag die toevallig net voor of na een weekend valt. Maar dit geheel terzijde. U heeft maandag een rits alternatieve indien u niet op uw werk geraakt. Zo staakt de Vooruit in Gent op maandag zijn werkzaamheden. Maar bent u welkom op een reeks debatten en overleg over de zin en onzin van staken die het kunstencentrum dan organiseert. Want is het niet vreemd dat de bonden de banken met de vinger wijzen maar de bonden binnen de banken voor bonussen pleiten? Enfin, zoiets heet tegenwoordig een functiepremie maar is hetzelfde beest. En dreigt de staking niet net de bonden te ondermijnen in plaats van te versterken? Maar één op vijf Belgen steunt de mensen die staken. En is het niet vreemd dat de bonden die solidariteit prediken met hun actie net een sluimerend generatieconflict op scherp stellen? Vragen genoeg dus voor een goed gesprek maandag met de betrokkenen. Een fijn initiatief van de Vooruit waar u maandag welkom bent. Dat is als u er ten minste niet op rekent om er met de trein te geraken.

Bar d'Office
En raakt u niet op uw werk dan is er nog steeds Bar d'Office, het netwerk van coworking plekken waar je voor een euro per dag in een creatieve omgeving kan gaan werken en nieuwe collega's tegen het lijf lopen. Deze satellietkantoren zijn ideaal voor mensen die geen zin hebben in thuiswerk maar in een professionele kantooromgeving zelfstandig willen werken met een boel andere mensen die net hetzelfde doen.

Maandag perfecte dag om economie te redden
Voor de verplichte thuiswerkers die maandag moederziel alleen van achter hun PC in de living werken was er deze week trouwens ook goed nieuws. In de krant The New York Times haalt Susan Cain een reeks wetenschappelijke onderzoeken aan die regelrecht tegen het regerende groepsdenken rond creativiteit en innovatie indruist. Niet teamwerk maar eenzaamheid is de echte motor van innovatie, stel ze. Nochtans is onze samenleving net op het omgekeerde principe georganiseerd.

Groepsdenken
Vandaag werken de meesten van ons in teams, in groepsverband en in landschapskantoren. Die idee is ingegeven door de gedachte dat creativiteit het best gedijt in groep. Dat zie je ook op scholen waar we steeds meer in teams werken. Maar wat blijkt? Mensen zijn creatiever wanneer ze privacy hebben en niet onderbroken worden. De meest creatieve mensen zijn zelfs meestal introverten die weliswaar genoeg sociale eigenschappen hebben om ideeën uit te wisselen.

Afzondering en brainstorming
Maar in onze agenda's wordt afzondering steeds zeldzamer en brainstorming steeds frequenter. Wie heeft er niet al eens al eens een fictieve afspraak in zijn kalender gezet om eens een uurtje de tijd te hebben om na te denken en rustig te kunnen werken? En wie heeft er niet al eens gehoopt om aan de zoveelste brainstorm te kunnen ontsnappen? Onderzoek wijst uit dat individuen betere kwalitatieve en kwantitatieve resultaten halen dan brainstormsessies. Dat komt omdat mensen instinctief de neiging hebben achterover te leunen als ze niet individueel worden aangesproken.

Maandag is dus een prima gelegenheid om onze economie te stimuleren met een flinke portie afzondering zonder brainstormsessies of storende collega's.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 27 januari 2012 - Geef je commentaar (0)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: Wie is Olli Rehn?

Rehn

Dankzij de uiterst efficiënte interventie van onze federale minister van Overheidsbedrijven Magnette weet half Vlaanderen vandaag wie Olli Rehn is. Een taak waar de woordvoerder van meneer Rehn zich de voorbije jaren met beduidend minder succes van gekweten heeft. Want onze minister vroeg zich gisteren op de RTBf af wie van ons die Rehn eigenlijk kende. Dat was een poging om aan te tonen dat die meneer Rehn, die EU Commissaris voor Economie is, geen democratische legitimiteit heeft bij ons. En dat hij dus vooral niet moet komen vertellen dat onze federale staat minder moet uitgeven om een geloofwaardige begroting in mekaar te boksen die minder dan 3% te kort heeft. Het zijn kwatongen die beweren dat die uithaal iets te maken had met het feit dat de PS nu eenmaal met plezier lijkt te spenderen zonder de staat te willen rationaliseren.

Mysterieuze man
Wat weten we over die mysterieuze man Rehn? Olli is in 1961 geboren in het Finse Mikkeli. Hij is getrouwd en zijn dochter heet Silva. Voor hij in zijn latere leven aan Oxford ging studeren, was hij verkoper van wisselstukken. Verder levert enig speurwerk een voorliefde voor voetbal op en schijnt hij graag naar rock en jazz te luisteren. Allemaal erg boeiend en we zullen niet talmen deze informatie aan collega columnist Magnette over te maken. Daarbij misschien ook goed even aan te stippen dat alle lidstaten, ja dus ook België, het Europees Parlement en de Commissie de maatregelen die Rehn nu uitvoert gevraagd, gedebatteerd en goedgekeurd hebben. En ja, er moet bespaard worden. En neen, de Belgen kunnen geen extra belastingen aan. Of het moet al enige tijd geleden zijn dat de heer Magnette zelf nog eens de benzinetank van zijn ministeriële wagen heeft opgevuld. En natuurlijk moet er niet enkel bespaard worden, maar moeten we ook groei creëren.

Schijndiscussie
Dat is de echte discussie die deze schijndiscussie zo professioneel verbergt. Want wist u dat het bruto nationaal product per hoofd in de Verenigde Staten de helft hoger ligt dan in de EU? De helft. Zelfs het beste grote Europese land, Duitsland, heeft een output die 20% onder die van de vermaledijde Verenigde Staten ligt en een even groot percentage armen (15%). De verdeling van die rijkdom is een ander discussiepunt maar dat onderwerp kan je pas beslechten als je eerst behoorlijk wat produceert. Anders ben je niet rijkdom maar armoede aan het verdelen.

Tweede en stille crisis is de echte
Als we dus groei willen creëren dan zullen we onze tweede - en stille - crisis moeten oplossen. Die gaat over Europa's historisch gebrek aan flexibiliteit en competitiviteit. Adam Davidson legt haarfijn uit dat we na wereldoorlog II genoten hebben van massale investeringen uit Amerika, maar dat we na de olieschok van 1973 gedurende 25 jaar lang trager gegroeid zijn dan onze Noordamerikaanse vrienden. Sinds midden de jaren 90 is er gewerkt aan een interne Europese markt en munt. Maar die kunnen nooit tot genoeg groei leiden als het principe van creatieve destructie niet kan toegepast worden. Dat de overheid niet bij machte is om ooit iets af te schaffen - en dat dit een groot deel van ons huidig probleem verklaart - wisten we al. Maar als bedrijven zich ook niet snel genoeg kunnen aanpassen door een starre arbeidswetgeving, kunnen ze ook niet investeren in nieuwe producten en diensten.

En dus hebben we vandaag net te weinig Europa. Alhoewel Paul Magnette een Europa met meer flexibiliteit verguist, sloopt hij zo ongewild ook de basis van de sociale zekerheid die hem zo na aan het hart ligt.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 13 januari 2012 - Geef je commentaar (4)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: 2012!

2012

Komkommertijd in het nieuws rond oud en nieuw betekent een onafwendbare en schier oneindige litanie van cijfertjes die terugblikken op het voorbije jaar. Hoeveel personen De Lijn vervoerde in 2011, het aantal SMS berichten verstuurd op oudejaarsnacht en het recordaantal elektronische betaaltransacties in de aanloop naar kerstmis 2011. Interessant maar grotendeels irrelevant. Een lijstje dat wel intrigeert, blikt vooruit en laat zien dat de wereld er in 2012 anders zal uitzien.

Libië snelste groeier
The Economist maakte een voorspelling van de snelst groeiende economieën in 2012. En als u denkt dat China de hoogste prijs wegkaapt, slaat u de bal behoorlijk mis. Dat land figureert maar op plaats tien in de rangschikking die Libië, Mongolië, Macau, Angola en Irak aanvoeren. Gevolgd door Nigeria, Qatar, Oesbekistan, Bhutan en uiteindelijk China. Krimpers zijn Soedan, Griekenland, Portugal, Swaziland, Italië en Luxemburg. Afsluiters van die weinig benijdenswaardige top tien zijn Nederland, Spanje, Duitsland en Ierland.

Oorlogen, dictators en verre vrienden
Enkele lessen uit bovenstaande reeks? Een oorlog en dan vooral het einde ervan is goed voor economische groei. De kop van de lijst, Libië, is een land waar investeerders - gelukkig ook Vlaamse - hard hun best doen om een stuk van de wederopbouwkoek op hun rekening te kunnen schrijven. Nu het Kadhaffi tijdperk ten einde is verwachten ze daar een economische groei van 25%. Angola en Irak zijn andere voorbeelden waar er na een gewapend conflict wordt geïnvesteerd in een nieuw land. Zeker als zo'n land grondstoffen heeft waarvan de prijs in 2012 de hoogte zou kunnen ingaan, zien de vooruitzichten er goed uit.

Chinezen
Een tweede les is dat verre vrienden, voor zover het Chinezen zijn, renderen. China mag dan maar net bij de top tien horen met een 8% groei, nauwe banden met het land leveren een flink dividend op. Mongolië, Macau, Oesbekistan maar ook Nigeria en Angola onderhouden sterke economische banden met het Rijk van het Midden en dat zorgt voor groei.

Democratie?
Een derde les is dat het principe dat democratie en groei hand in hand gaan, nu definitief in de prullenmand mag. Libië, Macau, Angola, Niger, Qatar, Oezbekistan en China zijn niet bepaalde voorbeelden van participatieve democratie. Toch behoren ze bij de spurters van het economisch peloton. Een vierde les voor het rijtje van groeiers is dat 25% groei in Libië in absolute termen niet te vergelijken is met een 8% groei in China. Hoe kleiner de noemer, hoe groter de relatieve groei. Toch blijft het vreemd dat landen als Brazilië en Indië zich niet in de top tien konden nestelen.

Krimpers delen Euro
En de laatste les is dat de meeste landen met een negatieve groei de euro delen. De munt had zich wellicht een andere tiende verjaardag gewenst. Want de krimp zit hier, de dynamiek ergens anders en de voorspellingen dat de euro het jaar niet uit doet zijn niet van de lucht. Sarkozy, Merkel en Van Rompuy kunnen geen duidelijkere nieuwjaarsboodschap op hun bord krijgen. Nu maar hopen dat ze niet Oostindisch doof blijven en verder verstrikt raken in de touwen van hun eigen Babylon. En ook van onze regering is er meer nodig. Meer snoeien om te groeien, zeker. Maar ook een echt perspectief voor zij die hier nog willen ondernemen, investeren en werken. Kwestie dat we 2012 beginnen met elkaar goed te verstaan. En de belangrijke lijstjes van de triviale kunnen scheiden.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 06 januari 2012 - Geef je commentaar (0)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: Een boemerangstaking

boomerang4

Met de staking van gisteren hebben de vakbonden zichzelf behoorlijk in de voet geschoten. Het was sowieso al speuren naar iemand zonder stakingsvergoeding die gisteren hun actie ook maar een beetje wou vergoelijken. Maar wat de bonden nog niet beseffen, is dat de acties van gisteren wel eens een kantelmoment zouden kunnen zijn. Eentje dat ze zelf hebben georganiseerd, maar dat ongetwijfeld ongewild is. Zeker als je de gevolgen van de onbedoelde neveneffecten die de bonden zelf in gang hebben gestoken in rekening brengt. 

Onbedoelde neveneffecten
Met de staking van gisteren hebben de vakbonden zichzelf behoorlijk in de voet geschoten. Het was sowieso al speuren naar iemand zonder stakingsvergoeding die gisteren hun actie ook maar een beetje wou vergoelijken. Maar wat de bonden nog niet beseffen, is dat de acties van gisteren wel eens een kantelmoment zouden kunnen zijn. Eentje dat ze zelf hebben georganiseerd, maar dat ongetwijfeld ongewild is. Zeker als je de gevolgen van de onbedoelde neveneffecten die de bonden zelf in gang hebben
gestoken, in rekening brengt.

Unitatiristische bonden splitsen het land
Eerst en vooral is er de vaststelling dat diezelfde vakverenigingen die vasthouden aan unitaire structuren woensdag in compleet tegenovergestelde richtingen spoorden. De Waalse spoorvrienden hadden besloten een dagje eerder te staken en legden op woensdag al het werk neer. De spoorwegwerkers in Vlaanderen zagen dat niet zitten en spoorden die dag gewoon door. Dat betekende dat, zoals op het VRT-radionieuws te horen was, de ‘treinen stopten aan de gewestgrens'. Zo werd het onooglijke Sint-Joris-Weert plots de terminus voor het spoorverkeer in ons land, met dank aan de Waalse vakbondswoede. De unitaristische bonden die opgeroepen hebben om tegen de N-VA te stemmen, waren zo de eersten om ons land te splitsen. Volgt u nog?

Spoormannen kunnen nog op pensioen op hun 55ste
Ten tweede lijken we ondertussen een detail over het hoofd te zien. Want wist u dat die boze treinconducteurs en treinbegeleiders na de hervorming, net zoals ervoor, nog steeds op hun 55ste op pensioen mogen? Die regeling is een uitwas van een wet uit 1814. U hoort het goed, ze is ouder dan ons land. Dan vraag ik me af waarom we niet meteen komaf hebben gemaakt met die absurde afspraak, zeker nu we op voorhand wisten dat we de prijs van een spoorstaking gingen betalen zelfs zonder dat uitzonderingsstatuut af te schaffen. Jammer, maar ongetwijfeld iets dat volgende keer op tafel zal liggen.

Verdelen in plaats van verenigen
Ten derde lijken de bonden er vooral in te slagen om mensen tegen elkaar op te zetten in plaats van de solidariteit tussen de mensen te organiseren. Heel frappant is hoe hun actie oud tegen jong heeft opgezet. De slogans dat ‘enkel veertigplussers verdedigen neerkomt op cliëntelisme' waren niet van de lucht. Open brieven, twitter-manifesten en Facebook-protesten van veelal jonge mensen die vandaag nog moeten beginnen aan hun loopbaan bevolkten het internet. Terecht. Dat zijn een pak jonge werknemers die nooit meer zullen overwegen om zich aan te sluiten bij een vakbond, toch niet in zijn huidige vorm. En het wemelt er toch al niet van de jongeren.

Wie gelooft die mensen nog?
En tenslotte slagen de bonden erin om hun eigen geloofwaardigheid verder te ondermijnen met hun communicatie. Leest u even mee op de site van het ACV, www.degevolgen.be, die de impact van de hervormingen uitlegt. Onder de titel ‘U bent een zelfstandige of bedrijfsleider van een KMO' vinden we volgend schotschrift. ‘De sanering en u? Je hoeft je geen zorgen te maken. En dus ook niet te staken. Want je wordt grotelijks gespaard door de sanering. Alle saneringsvoorstellen die jou dreigen pijn te doen zijn verdwenen. Om zo de sanering te kunnen afwentelen op de werknemers en de werklozen. En vervolgens de organisaties die daartegen protesteren te verwijten onverantwoordelijk bezig te zijn. Je krijgt bovendien een aantal verbeteringen
cadeau, spijts de zware budgettaire moeilijkheden. Zodat je toch nog in Sinterklaas moet gaan geloven.' Na zoveel onzin op een rij, is het moeilijk voor te stellen dat  het sociaal overleg, waar uitgerekend de bonden om vragen. Tja.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 23 december 2011 - Geef je commentaar (4)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

Paradox van Parys: Vlaamse lente in de winter

rundskop

Het is u vergeven als u denkt dat er geen zon te bespeuren valt aan het Vlaams economisch firmament. Een paar weken geleden gingen we met z'n allen in 2012 nog 1.6 procent meer goederen en diensten produceren dan dit jaar. Dat werd al snel bijgesteld tot minder dan een procent en nu blijkt dat we blij mogen zijn als we volgend jaar een half procentje beter doen. Tenminste als onze economie niet krimpt in volgende jaar. Valt er dan werkelijk geen greintje positief economisch nieuws te sprokkelen in onze contreien? Toch wel.

Vlaamse creatieve industrie exporteert
Want wie de voorbije weken heeft opgelet, heeft gemerkt dat de het goed nieuws regende over onze nieuwste export sector, de Vlaamse creatieve industrie. Een greep uit wat we ons spontaan voor de geest konden halen. Deze week pakt het in Hollywood gerespecteerde vakblad Variety uit met Michaël Roskam, de regisseur van Rundskop. Hij staat daar in het lijstje van de tien meest beloftevolle regisseurs ter wereld. Ik was zelf geen fan van de prent, maar doe wel mijn pet af voor iemand die met zijn eerste langspeelfilm zo'n lof oogst. Erik Van Looy schijnt het goed te doen op Amerikaanse bodem met een testpubliek dat best wel pap lust van zijn Loft remake. Ondertussen kaapten dj's Dimitri Vegas en Like Mike een 79ste stek weg op de Top 100 lijst van DJ Mag, het resultaat van meer dan 450.000 stemmen uit 167 landen. Ter info, David Guetta, Armin Van Buuren en Tiësto bekleden de eerste drie plaatsen en enkel 2 Many DJ's stond in 2003 al eens in de lijst, toen op de 85ste plek.

Benidorm Bastards
De makers van Benidorm Bastards wonnen een Emmy voor hun vernieuwende comedy. In Cannes, houden we het aantal Gouden en andere Vlaamse Leeuwen die de beste reclame belonen al lang niet meer bij. Selah Sue is de meest beloftevolle revelatie van het jaar in Frankrijk en won de Prix Constantin. Milow verovert Europa aan sneltempo. De Vlaamse langspeelfilm Hasta la Vista krijgt een Nederlandse versie. Er zijn sterke geruchten dat Raf Simons Dior zou gaan leiden. Onze boekindustrie zette zijn eerste stappen in Beijing terwijl Pieter Aspe de rechten op zijn werk verkocht in de VS zodat hij nu niet enkel bij ons maar ook in Frankrijk, Zuid-Afrika, Spanje, Polen en Italië te lezen is. Om maar te zwijgen over de internationaal florerende kunstgalerijen in Brussel, de tentoonstellingen van Michaël Borremans in de VS en het succes van Luc Tuymans in Noord-Amerika.

Toeval bestaat niet
Toeval? Of is hier meer aan de hand? Het fingerspitzengefühl van de onderzoekers van het Flanders DC Kenniscentrum over creatieve industrie aan de UAMS zegt dat er wel degelijk iets bijzonders aan het gebeuren is met de export van de Vlaamse creatieve industrie. De internationalisering is eindelijk een feit. Maar het gaat eerder om een inhaalbeweging ten opzichte van andere landen dan het voorbij steken van concurrenten. Het beleid heeft meer aandacht voor het belang van deze industrie. Drie procent van de Vlaamse werknemers werkt in een tak van de creatieve industrie en 13.5% van alle zelfstandigen in Vlaanderen doen dat. Het is niet toevallig dat het Vlaams parlement de regering vraagt werk te maken van een Vlaams popbeleid met veel aandacht voor export. Dat laatste is een noodzaak voor elk creatief product.

'De schuld van de media'
En natuurlijk speelt de media, als onderdeel van de creatieve industrie, zelf ook een grote rol in de rapportering? Bovendien lezen mensen graag zulke verhalen die tot de verbeelding spreken. Misschien, zegt Sofie Jacobs, van de UAMS zoekt men zelfs onbewust naar een nieuwe identiteit voor Vlaanderen, iets om trots op te zijn, na een toch wel lange identiteitscrisis van het land.

De Paradox van Parys verschijnt op vrijdag in De Standaard.

 

vrijdag 16 december 2011 - Geef je commentaar (0)

Vind je dit interessant? Deel het met anderen.

vorige pagina - 2 / 29 - volgende pagina

© Lorin Parys. - webdesign blau - Lorin Parys. RSS 2.0 - disclaimer en privacy