Tag cloud
creativiteit innovatie economie leuven campagne open vld crisis ondernemerschap ondernemen jobs begroting creatieve economie ondernemers banken starten besparen flanders dc schuld militant onderwijs nmbs fietsen talent politiek partijjul/2010 jun/2010 mei/2010 apr/2010 maa/2010 feb/2010 jan/2010 dec/2009 nov/2009 okt/2009 sep/2009 aug/2009 jul/2009 jun/2009 mei/2009 apr/2009 maa/2009 feb/2009 jan/2009 dec/2008 nov/2008 okt/2008 sep/2008 aug/2008 jul/2008 jun/2008 mei/2008 apr/2008 maa/2008 feb/2008 jan/2008 dec/2007 nov/2007 okt/2007 sep/2007 aug/2007 jul/2007 jun/2007 mei/2007 apr/2007 maa/2007 feb/2007
De ceo is uitbesteed
Politiek België probeert nu al maanden een antwoord te vinden op de vraag welke beslissingen nog federaal genomen moeten worden. En welke het kan overlaten aan de deelstaten. De nvBelgië voert een soortgelijke discussie. Welke taken moet een bedrijf nog zelf vervullen en welke kan het uitbesteden? Tot voor kort bestond er geen twijfel over dat innovatie, het levensbloed van een onderneming, nooit buiten de bedrijfsmuren zou gebeuren. Daar komt nu verandering in. En voor wie daar nog aan twijfelde, is er de beslissing vorige week van Nokia Siemens Networks in Herentals om onderzoek en ontwikkeling aan een ander bedrijf over te laten.
Een aantal jaren geleden was uitbesteding synoniem voor goedkope Aziaten die cd-spelers en mobiele telefoons in mekaar staken. Het fenomeen maakte een snelle opmars en gold een paar jaar later evenzeer voor de juffrouwen die met de stofborstel over het bureau van de gedelegeerd bestuurder dwarrelden als voor de heer die in het bedrijfsrestaurant puree op je bord schepte. Tegenwoordig gebeurt het uitbetalen van de lonen door mensen die niets met het bedrijf te maken hebben en lossen enkele wakkere Indiërs in Bangalore IT-problemen op. Bij elke nieuwe stap in deze evolutie klonken er steeds geruststellende stemmen uit de directiekamer dat kennis, als fundamenteel onderdeel van het bedrijfsproces, steeds binnenshuis zou blijven. Uitbesteding zou ervoor zorgen dat er meer gericht kon gefocust worden op creatie en innovatie, de hoekstenen van succesvolle bedrijven.
Je zou dan ook denken dat, in de snel veranderende netwerkbusiness, onderzoek en ontwikkeling het kloppende hart van de onderneming zouden zijn. Maar dat werk kan nu blijkbaar even goed door een extern bedrijf gebeuren. Die evolutie levert niet enkel behoorlijke uitdagingen op voor de inrichting van onze samenleving. Het stelt de overblijvende rol van een onderneming fundamenteel in vraag.
Philips, Motorola en Dell plakken enkel nog hun naam op sommige producten. Dan rijst een essentiële vraag: wat is dan nog hun meerwaarde? Worden bedrijven enkel marketingmachines die een product in de markt zetten en het voorzien van een kwaliteitslabel, hun merk? Zelfs bedrijven zoals HP die overal reclame maken met de slogan 'invent' laten het uitvinden -deels- over aan de Aziaten. Strategie en marketing lijken dan de essentie van de nieuwe onderneming. Al de rest kan uitbesteed worden.
Enkele Taiwanese bedrijfjes maken samen 65procent van alle pc's en laptops die wereldwijd worden verkocht. Zij het allemaal onder andere namen. Maar die evolutie houdt ook gevaren in. Motorola bijvoorbeeld had een contract met BenQ uit Taiwan om nieuwe mobieltjes te ontwikkelen. Alleen jammer voor Motorola dat de Taiwanezen die telefoon onder de naam BenQ in China zijn gaan verkopen. Wat Motorola's uitbesteding effectief bereikt heeft, was het creëren van een nieuwe concurrent.
Veel bedrijven hanteren een tussenoplossing en werken met zogenaamde wereldwijde innovatienetwerken. Hun innovatie-afdelingen werken samen met andere kenniscentra. Maar in open innovatie zit een groot gevaar. Tijdens mijn jongste verblijf in China heb ik wel tien keer gehoord dat de Chinezen het beu zijn de productiehal van de wereld te zijn. Ze wilden nu zelf intellectuele eigendom ontwikkelen. En dat levert problemen op in open innovatienetwerken. Daarbij komt dat een geïnformeerde consument in de toekomst steeds minder een kwaliteitslabel nodig zal hebben om een keuze te maken. Hij zal, door middel van het internet, zelf kunnen uitvissen dat een pda van HTC in feite identiek is aan een Palm-pda. Maar wel goedkoper. Binnenkort kan de gedelegeerd bestuurder dus ook uitbesteed worden.
maandag 24 september 2007 - Geef je commentaar (0)
Vind je dit interessant? Deel het met anderen.
Gezegend met dyslexie
Het nieuwe schooljaar is nog kraakvers. En toch is het voor veel kinderen met leermoeilijkheden al een heuse kwelling. Maar er is een troost: hoe meer beproeving in je jeugd, hoe creatiever je later uit de hoek komt. Zo luidt de stelling die professor Ochse in zijn boek over creatieve genieën verdedigt.
Een fraaie illustratie van die theorie vormen kinderen met dyslexie. Zij hebben immers de grootste moeite met letters en hinken daardoor vaak achterop in de klas. Maar later laten ze hun collega's straatlengtes achter zich als het op creativiteit aankomt. Met dank aan hun aandoening.
We zullen nooit met zekerheid weten of de circa vijf percent dyslectici in verhouding meer innoveert dan de rest van de aardbol. Maar intuïtief kan het kloppen. Mensen met dyslexie hebben moeite met geschreven taal. Ze herkennen minder makkelijk de volgorde en betekenis van symbolen die ons in staat stellen vlot te lezen.
Vlgoens odzkoernek van de Uieitnversit Cmabrigde deot het er neit toe in wklee vglrdooe de ltetres van een worod saatn. Het egnie wat blkijengark is, is dat de ereste en de lstaate ltetre op de jiutse paalts satan. De rset kan een tatole beri zijn en je kan het nog seteds zndoer poberlem leezn. Dat kmot oamdt je biern neit ekle letrte leset maar het hele wrood en ponatren hrekent.
Kinderen met dyslexie lijken later opvallend vaak succesvol in wat ze ondernemen. 'Laat mij in de meest gore buurt van New York een nachtwandeling maken en ik zal niet bang zijn. Zet mij voor een ongeschreven blad papier en het angstzweet breekt me uit', liet bedrijfsleider Mark Vandecruys een tijdje geleden optekenen in het Nieuwsblad. De man is 35 en ontdekte twee jaar geleden dat hij dyslectisch was. Hij is niet de enige ondernemer die aan woordblindheid lijdt. Vorige week las ik in een interview dat Richard Branson, de flamboyante verpersoonlijking van pure Britse ondernemingszin, een dyslecticus is. Net zoals Ingvar Kamprad, eerder onderwerp van deze column en brein achter Ikea.
Na wat opsnorringswerk bleken deze heren in goed gezelschap. Creatieve ondernemers zoals Henry Ford en Steve Jobs zijn dyslectici. Een eigenschap die ze delen met de stichters van HP, IBM, Disney en CNN. Maar niet alleen ondernemers, ook uitvinders als Alexander Bell, Thomas Edison, Pierre Curie en Albert Einstein hadden een vorm van de aandoening. En de lijst met dyslectische kunstenaars is helemaal een vat zonder bodem. Daarop prijken onder meer illustere namen als Mozart, Beethoven, Cher en de schrijver Roald Dahl.
Dyslectici denken niet in patronen, zoals de rest van ons 98% van de tijd doet. Ze benaderen een situatie helemaal anders, een afspiegeling van hun dyslectische cognitieve denkstijl. Die is veel willekeuriger in het genereren van ideeën. Bovendien hebben dyslectische volwassenen vaak een heleboel moeilijkheden overwonnen op school. En leggen ze zich extra toe op talenten die niets met taal te maken hebben. Dat alles samen betekent dat uw collega met dyslexie een enorme voorsprong heeft op u op het vlak van lateraal, probleemoplossend denken. Kortom, hij of zij is een stuk innovatiever dan u.
Daarom is het plan van onderwijsminister Vandenbroucke om zoveel mogelijk kinderen met leermoeilijkheden school te laten lopen in een gewone school belangrijk. Uiteraard moeten zulke kinderen goed ondersteund worden. Maar het verzet van sommige leerkrachten hiertegen is onbevattelijk. Een frisse kijk op een probleem is van onschatbare waarde. In de ideeën-economie van vandaag hebben dyslectici dus goud in hun handen.
maandag 17 september 2007 - Geef je commentaar (0)
Vind je dit interessant? Deel het met anderen.
De Bedenkers
Wie nu nog denkt dat het ons Vlamingen ontbreekt aan goede ideeën, heeft gisteren niet afgestemd op Eén. Daar liet het vlaggenschip van de openbare omroep 'De Bedenkers' schitteren. Voor de televisiereeks dingen meer dan 2.000 Vlamingen mee naar de hoofdprijs van 25.000 euro. Het regent dus goede ideeën in onze contreien. Maar in de rangschikking van landen met de meeste patenten en starters die met een eigen zaak beginnen, vallen we van de regen in de drop.
Eerst driewerf hoera voor 'De Bedenkers'. Een zondagavondprogramma over huis-tuin-en-keuken-innovatie dat knap gemonteerd is, de juiste hoeveelheid emotie laat spreken en een beeld ophangt van een creatief Vlaanderen dat vooruit wil.
Helemaal onbevangen is mijn mening niet. FlandersDC heeft samen met de VRT aan dit programma gewerkt en de website is van onze hand. Maar ik biecht graag op dat ik blij ben met een openbare omroep die dergelijke risico's neemt. De nieuwe orkestleider van Eén, Jean Philip De Tender, zei geen vrijblijvende televisie te willen maken. Daar is hij hier zonder meer in geslaagd. Het opzet is om ook het kijkend publiek aan te sporen iets te ondernemen.
'De Bedenkers' blijven natuurlijk zondagavondvermaak en de eerste rondes zijn dan ook niet gespeend van enkele excentriekelingen met buitenissige ideeën. Maar ook dat is Vlaanderen. Een bed met verrekijker, de handcarwash, de hefboomschoen of een elektrisch aangedreven ladder, je zit er niet meteen op te wachten.
Evengoed was er Lisa, elf jaar, die iedereen het nakijken gaf met haar winkelconcept voor zwangere vrouwen. Of de dames die eindelijk een makkelijk opvouwbare kinderwagen ontworpen hebben. Onder meer het innovatieve pensioenplan, de pleister tegen rugpijn en de sleutelhulp voor senioren passeerden de revue als veelbelovende innovaties. De Vlaming bedenkt blijkbaar de ene uitvinding na de andere.
Hoe komt het dan dat zelfs onze vrienden uit Oekraïne meer patenten per inwoner registreren dan wij? De meest recente cijfers van de World Intellectual Property Organization liegen er niet om: België is een hekkensluiter. Stilaan een vertrouwde plek voor ons in internationale vergelijkingen. In de Global Entrepreneurship Monitor dragen we de rode lantaarn met slechts drie mensen op de honderd uit de totale beroepsbevolking die werken aan de oprichting van een eigen zaak.
Waarom beginnen niet meer 'Bedenkers' een eigen bedrijf? Waarom raakt het overheidsgeld dat beschikbaar is voor innovaties nauwelijks op? Waarom bedenken niet meer bedenkers innovaties tijdens hun werkuren? Het antwoord is eenvoudig. Als het nemen van risico loont, dan willen ongetwijfeld meer Vlamingen het risico nemen niet voor een loon te werken. Een cultuur waar falen mag en waar winnen gefêteerd wordt, moet ons in staat stellen Oekraïne voorbij te steken.
Ik hoop dan ook dat 'De Bedenkers' niet bij een televisieprogramma blijft. Maar dat het heel onze samenleving inspireert na te denken over wat iedereen kan doen om ons land beter te maken. Afspraak met uw creatief idee over enkele weken op de webstek.
maandag 10 september 2007 - Geef je commentaar (0)
Vind je dit interessant? Deel het met anderen.





